Verboden te huwen.

Homepagina Forums Restricted content Algemeen Verboden te huwen. Verboden te huwen.

#3438
DennisWeb master
Participant

Beste Hendrik Jan,

Zoals je al aangaf gold er tot 1848 een verbod op het huwelijk van christenen (lees hier: Europese mannen) en niet-christenen. Dit verbod stamde uit de VOC-tijd. De VOC eiste van zijn personeel een christelijke levenswandel en stond alleen de nederduits-gereformeerde (lees: Calvinistische) religie (de “staatsgodsdienst” van de Republiek) toe. Als VOC-dienaren kinderen van een inheemse vrouw adopteerden, moesten zij ook beloven die kinderen christelijk op te voeden.

Als een Europese man met een inheemse vrouw wilde trouwen, kon dat tot 1848 dus alleen als de bruid vooraf werd gedoopt. Joden waren met Europeanen gelijkgesteld.
In 1848 verviel het bovengenoemde verbod, maar desondanks ontvingen ook daarna veel inheemse bruiden alvorens met een Europeaan te trouwen de doop.

In de registers van de Europese burgerlijke stand werden alleen geboorten, huwelijken en overlijdens van Europeanen (uit Europa afkomstige personen en hun in Indië geboren, wettige of wettig erkende, al dan niet gemengdbloedige nazaten) en met Europeanen gelijkgestelden (joden, Armeniërs, belanda hitam, Japaners (vanaf 1899)) ingeschreven, waarbij de status van de echtgenoot/vader bepalend was. Inlandse christenen werden, m.u.v. de perioden 1848-1854 en 1899-1919, tot de inlanders gerekend en hun huwelijken werden buiten die perioden dus niet in de Europese burgerlijke stand geregistreerd.

De “wet” in Ned.-Indië maakte juridisch onderscheid tussen Europeanen en inlanders. Men was onderworpen aan de bepalingen voor Europeanen of aan die van inlanders en voor Europeanen gold dat hun huwelijken alleen wettig waren als die waren opgenomen in de registers van de bs. Hoe de inlanders hun huwelijken regelden, was iets waarmee het Gouvenement zich niet bemoeide. Van personen die aan de bepalingen voor inlanders waren onderworpen (de inheemse bevolking van Ned.-Indië en van elders uit Azië afkomstige ingezetenen van Ned.-Indië) werd, ongeacht of zij nu wel of geen christen waren, door het Gouvernement dus geen burgerlijke stand bijgehouden.

Hartelijke groet,
Roel.